mirt

Ga naar hoofdmenu / zoekveld.

Home > beleidsterreinen > slim_en_efficient > 2.5 Slim en efficiënt ruimtegebruik voor wonen en werken

2.5 Slim en efficiënt ruimtegebruik voor wonen en werken

2.5.1 Verstedelijking

2.5.2 Bedrijventerreinen

tdf-20071222_52_2.jpg

Tekstbox 4

Het proces naar verstedelijkingsafspraken in 2009

Bij het maken van verstedelijkingsafspraken over de periode 2010-2020 wordt gestreefd naar integrale en regiospecifieke afspraken. Integraal betekent meer gebiedsgericht en het in samenhang bekijken van alle ruimtelijke thema’s, woningbouw, bereikbaarheid, waterberging, regionaal groen, milieumaatregelen en bedrijfsterreinen. Bovendien zal naast kwantiteit meer aandacht zijn voor kwaliteit en oog voor
regiospecifieke aspecten, waaronder krimp.

Politieke besluitvorming door het kabinet over de wijze van inzet van rijksmiddelen voor de verstedelijkingsopgave vindt plaats in het kader van de begrotingsvoorbereiding volgend jaar. Een afwegingsbasis wordt geboden met de uitgevoerde verkenningen van de totale investeringsopgave op het gebied van verstedelijking in de periode 2010-2020 (antwoord op de motie van Heugten c.s. (TK 31200 XI, nr. 28)), alsmede met het onderzoek naar alternatieve financieringsvormen voor nieuwbouw en stedelijke vernieuwing. Daarin wordt met een kritische blik gekeken hoe de bestaande verhoudingen tussen de financiële inbreng van het rijk, de gemeenten, de corporaties en marktpartijen en naar slimme (private) financierings-oplossingen van de verstedelijkingsopgave in de periode 2010-2020 anders kan worden vormgegeven. Op deze wijze wordt onderzocht hoe de bestaande middelen doelmatiger kunnen worden ingezet.
Tenslotte spelen de inmiddels per regio opgestelde gebiedsdocumenten, met daarin de ambities en knelpunten vanuit de regio, mogelijk een rol.

Het rijk werkt ondertussen samen met de regio’s aan de regionale agenda voor de in 2009 te maken verstedelijkingsafspraken. Dat gebeurt op basis van regionale gebiedsdocumenten en de op hoofdlijnen neergelegde rijksinzet bij verstedelijking die daarmee regionaal verbijzonderd wordt. Deze rijksinzet is enerzijds inhoudelijk, onder andere op basis van vigerend beleid (de grote nota’s) en anderzijds instrumenteel.
De instrumentatie van de rijksinzet kan bestaan uit wet- en regelgeving, kennisontwikkeling en -verspreiding en concrete bijdragen van het rijk door middel van grond, vastgoed en (generieke of specifieke) financiering.

In 2009 volgen de regionaal gedifferentieerde verstedelijkingsafspraken via een tweetal bestuurlijke rondes die worden afgestemd met de bestuurlijk overleggen MIRT. 
Waar de afspraken betrekking hebben op een rijksbetrokkenheid bij ruimtelijke projecten of gebiedsontwikkeling, krijgen deze een plek in het MIRT Projectenboek.

MIRT Logo